Vorige pagina ] p167-169 ] [ p175-177 ] p179 ] p181-183 ] p185-187 ] p189-191 ] p193-195 ] p197 ] p199 ] hoek wouter s. ] p201-207 ] p209 + jb ] Zuidwijk ]

Purmerenderweg 175/177

Eerdere nummers: A52 a, A 60, A 72/73, 86, 159, 161

 

Het huis 'Schoonoord', Pieter Pereboom poseert met zijn kleinkinderen (ca. 1929)

1881

Op 12/4/1881 verkochten Jacob Pelder, warmoezenier en Pietertje Coblens, weduwe Lambertus Pelder, een stuk grond aan Jan Smit. Het was groot ongeveer 643 meters, deel van het kadastrale stuk grond D 96. (notaris Evius Booy, inv. 50, akte 66)

Het nieuwe adres van Jan Smit, koopman geboren 1819, staat in het BevR: A 52a (doorgehaald) A 60. Ingeschreven 6/10/1882, zijn vrouw † 16/3/1886, Jan Smit † 24/10/1893.
Hij zette er een dubbel woonhuis neer.

 1893  
Op 24/11/1893 werd het huis in een openbare veiling in De Tuinbouw door de familie verkocht, nadat Jan Smit op 24/10/1893 overleden was. “Een huis verdeeld in twee woningen”, met stalling en erf aan de Purmerenderweg, kadastraal D 797, 7 are, 50ca.

Zijn vrouw (Neeltje Vreugd) was al eerder overleden. Het huis was deels eigendom van Alida de Groot. Verwijzing naar een notarisakte/testament. Eén woning was verhuurd aan De Boer, fl. 1,35 per week.

Koper werd Willem Haan, landman wonende te Ilpendam, fl. 2.135, notaris Van Os, inv. 134. 

1899
10/4/1899 Willem Haan verkoopt aan Kaatje van der Hoeven, weduwe Cornelis Korver, fl. 2.500. 

1903  
8/12/1903, Kaatje van der Hoeven verkoopt aan Jan de Ridder (“huis en erf naast café De Tuinbouw”), fl. 2.800. (notaris Doncan)

1906  
2/4/1906, Jan de Ridder verkoopt het huis aan Jacob van Zalinge, melkslijter wonende te Amsterdam. Notaris Van Os, inv. 173, akte 61, fl. 2.500. 

1908  
9/1/1908, Jacob van Zalinge, nog steeds melkslijter te Amsterdam, verkoopt voor fl. 2.400 aan Hendrik Kruijt, onderwijzer/hoefsmid wonende in de Beemster. Dankzij informatie en foto's van mevrouw Adri Woelders  kwam ik over de familie Kruijt heel wat te weten.

Hendrik Kruijt (geboren 1848) kwam in januari 1907 met zijn tweede vrouw, Geertje Lakeman, naar de Beemster. 

 

Hij kwam uit de Purmer, waar hij een smederij bezat en cursussen gaf aan mensen die het vak van hoefsmid wilden leren. Ook zijn vader was smid geweest.

Cursus "hoefbeslag", centraal op de foto, met bolhoed, Hendrik Kruijt

De smederij in de Purmer; naast de man met de fiets staat Hendrik Kruijt, naast hem zijn vrouw en dochter Johanna (uit zijn tweede huwelijk?).

In de Beemster woonde het gezin op de Purmerenderweg A 72/73; op 30 januari 1908 vroeg Hendrik Kruijt vergunning tot het “oprichten van eene herstelplaats van gereedschappen, rijwielen, e.d. met gebruik van eene veldsmidse in het perceel aan den Purmerenderweg wijk A, no. 73, kadastraal D 797. Op de gezinskaarten van de Beemster wordt hij 'grofsmid' genoemd.

Hendrik Kruijt en Geertje Lakeman kregen vijf kinderen: Dirk, Klaas, Johanna ("Jo"), Cornelis en Trijntje (Trien). Cornelis en Trijntje werden ook op dit adres ingeschreven. Cornelis (1885) overleed in 1911. Trijntje (1890) trouwde in 1912 met Johannes Antonie ("Jan") Woelders (1889):

Trien Kruijt en Jan Woelders

Zij woonden van mei 1912 tot februari 1917 in Wijde Wormer, daarna trokken zij bij Hendrik Kruijt in. Vermoedelijk was er een verband met de Watersnoodramp van 1916, die het bedrijf aan de Zuiderweg ernstige schade toebracht. 
In de jaren 1917/1918 werkte Jan op de Artillerie Inrichtingen van Hembrug-Zaandam. In Zaandam heeft hij ook een tijd gewoond; in de bevolkingsregisters van Beemster in hij een paar keer in- en uitgeschreven. Later werkte hij op het tuindersbedrijf van zijn -inmiddels overleden- vader (Nekkerweg 45). In 1922 zijn Jan en Trien daarheen verhuisd.

In januari 1926 werd hij kassier van de Boerenleenbank in Z.O. Beemster, waar de familie ging wonen. De bank stond aan de Wouter Sluislaan, in het toen nog praktisch onbebouwde uitbreidngsplan van Zuidoostbeemster.  Ze kregen drie dochters:
-Adriana Geertruida (1914), ('Adri'), Geertruida (1919) ('Gré), Engelin (1923) ('Lien').

Adri ging naar de school in Halfweg (Beemster), later naar de mulo en werd lerares naaldvakken. Ze heeft een aantal jaren in Friesland gewerkt en zou uiteindelijk adjunct-directrice worden op 'De Schans'. Die school heette aanvankelijk 'Industrieschool voor vrouwelijke jeugd', en moet nog vanuit het Nut gesticht zijn.

In 1924 overleed de vrouw van Hendrik Kruijt, Geertje Lakeman. Zijn dochter Johanna ('Jo') woonde toen een tijdje bij hem in. In 1925 overleed ook Hendrik. 

Na zijn overlijden kocht zijn zoon Dirk het huis, om het later te kunnen bewonen. Er is een hele set tekeningen van een verbouwing (november 1925) die in zijn opdracht door D. Kerkhof uitgevoerd werd. Het huis kreeg daarbij zijn huidige karakter. Kadastraal D 1399. Vanaf 1925/1926 is consequent sprake van twee huisnummers: 159 en 161

Dirk Kruijt (1877), geboren in de Purmer, werd net als zijn vader en grootvader (hoef)smid. Hij trouwde in 1900 met Neeltje Helt (1874); zij woonden een aantal jaren in Den Haag, in 1906 namen zij de smederij van Hendrik Kruijt in de Purmer over. In juni 1914 begonnen zij een nieuwe smederij, op de hoek Zuiderweg/Nekkerweg. 
In 1916 overleed Neeltje, Dirk hertrouwde in hetzelfde jaar met Aagje Heinis (1886) en bleef in de Beemster wonen. Beroep: grof –en hoefsmid. Geen kinderen. Hij overleed op 27-6-1942, zijn vrouw op 18-4-1949. 
Dirk woonde aan de Zuiderweg en legde zich toe op kassenbouw. Ca. 1930 moet hij zijn smederij verkocht hebben en is hij op de Purmerenderweg gaan wonen, in het huis dat hij had laten verbouwen.

Het huis van Kruijt werd na het overlijden van vader Hendrik en de verbouwing in opdracht van zoon Dirk in tweeën bewoond. 

P 159  
Pieter Pereboom (1884), reiziger in veevoeder, wordt 23/8/1926 ingeschreven in de Beemster, hij kwam uit Purmerend, met vrouw (geb. 1888) en drie kinderen. 
Pieter komt enkele malen in de notulen van B&W en raad ter sprake omdat hij aan de overkant van de weg (tegenover de Tuinbouw) een 'woon- en winkelhuis met slachtplaats' wilde vestigen. De gemeente weigerde dat omdat zij 'de aantrekkelijkheid van de omgeving niet wilde schaden'.  Op 1/3/1929 vertrok Pereboom weer met zijn vrouw en kinderen naar Purmerend, Slotterburgwal. 

21/1/1935: J. Th. Nibbering (1913), met vrouw (geb. 1910) en dochter (geb. 1934), uit Velsen. In oktober 1935 vertrokken zij weer, naar Amsterdam.

12/9/1938 Cornelis Lakemond (1882) en echtgenote, Maartje de Visser (884), winkelier, uit Purmerend (Beemsterburgwal).

Lijst 1949 (nr. 175): weduwe D. Kruijt-Heines , zij overleed 18/4/1949. Vermoedelijk kwam toen Gerrit de Vries hier wonen.

Lijst 1954: Gerrit de Vries (175)

Lijst 1968: Gerrit de Vries ( P. 175); geen naam op 177

P 161  
De vader van Jan Woelders (hierboven besproken) was Engel Woelders, warmoezenier van beroep en jarenlang raadslid in de Beemster voor de SDAP/PvdA. Hij kwam op 24/9/1888 in de Beemster wonen, woonde aan de Nekkerweg en overleed 16/11/1917. 
Zijn vrouw was
Ariaantje Kronenburg, geb. 30/4/1865. Zij ging, vermoedelijk na het overlijden van de vrouw van Hendrik Kruijt,  inwonen op P 161. Zij wordt daar genoemd in 1924, 'de weduwe van Engel Woelders'. Zij overleed in 1937.
Adresnotaties: 
Nekkerweg, Purmerenderweg 86(doorgestreept) 161 (rood), 181 A

Inwonend:
11/2/1924, Bertha Woelders (1889); werd een paar maal in- en uitgeschreven; zij was de zuster van Jan Woelders.
Inwonend:
18/3/1926, Hiltje Kroonenburg, (1861), uit Westzaan, de zuster van Ariaantje.

10/1/1940, Lieuwe van Sinderen (1917) uit Kwadijk, op de gezinskaart van de weduwe T. Mantel (=Trijntje Ott).

-Teunis Mantel, warmoezenier,  woonde Noorderpad, Zuiderpad en P. 161, † 2/1/1938.

- 8/4/1941 Margaretha Langenberg (wed. P. Koomen –29/5/1884-)  en dochter –8/3/1909, ze kwamen uit Purmerend.

P 175/177

Lijst 1949: Jaap Vijzelaar en (ca. 1950) Gerrit de Vries

Eigenaar in 1953 (kadastrale kaart) Gerrit de Vries; dienstplichtregister Beemster 1963 geeft Jan de Vries, geb. 3/10/1943 op P. 175

Lijst 1968: Gerrit de Vries

Ca. 1975: Jan Muis

Ca. 1990: Henk de Moes